Met de functie Uitgaven kunt u geldbedragen registreren die uit de kassa worden gehaald, bijvoorbeeld voor een aankoop of andere kasuitgave. Door deze uitgaven vast te leggen, blijft de kasopmaak correct en controleerbaar.
U opent deze functie via:
F5 – Management > F1 – Einde dag > F4 – Uitgaven
Opbouw van het scherm
In het scherm Uitgaven ziet u een overzicht van de geregistreerde uitgaven. Per uitgave worden onder andere de datum, tijd, medewerker, het bedrag, de kassa, reden en post weergegeven.
Met de pijltjestoetsen kunt u door de bestaande uitgaven navigeren.
Onderaan het scherm staan de belangrijkste acties:
INS – Toevoegen: een nieuwe uitgave registreren.
F2 – Wijzigen: een bestaande uitgave aanpassen.
DEL – Verwijderen: een geselecteerde uitgave verwijderen.
F6 – Printen: het overzicht met uitgaven afdrukken.
ESC/F12 – Afsluiten: het scherm sluiten en terugkeren naar het vorige menu.
Uitgave toevoegen
Na het drukken op INS – Toevoegen opent het scherm Invoer uitgave.
In dit scherm vult u de gegevens van de uitgave in.
Vul de volgende velden in:
Bedrag: het bedrag dat uit de kassa wordt gehaald.
BTW perc: het btw-percentage dat van toepassing is op de uitgave.
BTW bedrag: het btw-bedrag van de uitgave.
Omschrijving: een korte omschrijving van de uitgave.
Post: de categorie of post waaronder de uitgave geregistreerd moet worden.
Wanneer alle gegevens zijn ingevuld, drukt u op F12 – Toevoegen om de uitgave op te slaan.
Post invoeren
Vul in het invoerveld de naam van de nieuwe post in.
Gebruik hiervoor een duidelijke omschrijving, zoals lunchgeld, kantoorartikelen of schoonmaakkosten.
Druk vervolgens op F12 – Klaar om de nieuwe post op te slaan.